Tag archieven: featured

Belofte

Ik heb nog een belofte in te lossen voordat ik IJsland verlaat. In mijn eerste bericht heb ik verteld dat ik met mijn moeder naar IJsland zou gaan en dat niet door heeft kunnen gaan. Wat ik niet heb verteld is dat ik haar heb beloofd dat ik naar IJsland zou gaan en iets van haar zou meenemen naar IJsland om achter te laten, zodat zij symbolisch toch mee zou zijn.

Een doosje, dat mijn nichtje Jacky voor haar Oma heeft gemaakt met de tekst: “Lieve Oma, ik wou dat ik je in een doosje stoppen kon, zodat je voor altijd bij mij zou zijn …”, dat een plukje haar van mijn moeder bevat samen met één rode en één witte roos, uit de bos met rozen die ik haar heb gegeven op de dag voordat zij overleed, heb ik achtergelaten onder een steen die een normaal mens niet kan verplaatsen op een rots die in zee staat.

Dit doosje heeft de hele reis meegemaakt en nu op de laatste dag laat ik het achter op deze prachtige ruige plek Juni_25-6uitkijkend over de Atlantische Oceaan en de IJslandse kust.

Een mooi afscheid…

De laatste dag

Het heeft bijna de hele nacht geregend, maar in de loop van de morgen miezert het alleen nog maar, dus het lukt om de tenten redelijk droog in te pakken. In elk geval zo droog dat ik het wel aandurf om ze ruim 72 uur ingepakt te laten totdat we terug zijn in Nederland. De laatste volle dag van ons verblijf is aangebroken en dus ook de laatste etappe op IJsland. Vlak voorbij Höfn, zo’n 10 km, is het schiereiland Stokknes, waar een radarpost en een vuurtoren staan opgesteld. Op het strand vlak voor dit schiereiland staan een Vikingdorp Juni_25-2dat is gebouwd voor de opnamen van een Film en even daarvoor een Vikingcafé, waar ze entree heffen om dit Vikingdorp te kunnen bekijken en waar je tevens een bak koffie of thee kan drinken.
Dirk heeft flink wat foto’s gemaakt, maar ik niet zo. Ook deze site wordt kennelijk beheerd door engelsen (dus niet beheerd en onderhouden), want de staat van verval was werkelijk enorm. Toch grappig om te zien, dat wel, maar de entreeprijs beslist niet waard. Dirk is inmiddels weer aardig afgekoeld van zijn woedeaanval op de engelsman van hedenmorgen, dus kunnen we weer rustig verder rijden en de zich immer wijzigende kust Juni_25-4aan ons voorbij laten trekken.

 

Gletsjers en zeehonden

Het is dinsdag en dat is de één na laatste dag van onze reis. Het zuiden van IJsland kenmerkt zich door de gletsjers en de gletsjerdelta’s die je er kan vinden. De grootste gletsjer van IJsland is de Vatnajökull en we maken een afsteker van de hoofdweg en rijden in de richting van de Súlujökull, de eerste gletsjertong die min of meer aan de hoofdweg ligt. Juni_24-1We rijden een tijdje door een zwart lavagravel-veld, tot de bergen Juni_24-4met sediment te groot worden om verstandig door te gaan. Juni_24-3Om ons heen alleen maar zwart gravel met kuilen met daarin mooie Juni_24-6Juni_24-7Juni_24-5Juni_24-8kleine plantjes, die verassend divers zijn en hier kunnen overleven.
De volgende stop is Skaftafell, ook een mooie gletsjertong, waar we een stukje dichterbij kunnen komen dan bij de Vatnajökull van gisteren. Onderaan deze tong is er een klein meer met ijsrotsen, maar die wordt een stuk verderop bij Jökulsarlón flink overtroffen.
Jökulsarlón is een gletsjermeer met een verbinding naar de open zee Juni_24-9en is tevens een getijdengebied, dus er staat brak water, vol met vis en ander leven. In het meer drijven gigantische brokken ijs, Juni_24-10die soms de meest bizarre vormen kunnen hebben. Juni_24-11Juni_24-12Er worden door verschillende aanbieders boottrips georganiseerd, met rubberboten en met amfibische voertuigen. Als je echter de moeite neemt om een wandeling langs de kust van het meer te maken, dan zie je precies dezelfde dingen die je midden op het meer door de bootbestuurders worden getoond. Er vliegen sterns rond met vissen in hun bek die ze daar hebben gevangen en er zwemmen zeehonden rond, Juni_24-13die zich zo op hun gemak voelen, alsof er helemaal geen mensen in de buurt zijn. De tijd schiet vooruit als je het naar je zin hebt en dus wordt het weer tijd een kampement bij Lambleikstadir op te zoeken, daar aangekomen, komen we tot de ontdekking dat we nog boodschappen moeten doen en dus rijden we door naar Höfn. De camping daar wordt door een engelsman en dat is helaas te zien, de staat van onderhoud is deplorabel, om het voorzichtig uit te drukken. We slaan echter onze tenten op, in de hoop dat het deze nacht niet zal regenen.

Over Mýrdalssandur

Het is vandaag schitterend weer, zonnig, lekker warm en het waait een beetje en rond de middag verlaten we Stokkseyri, waar we twee nachten zijn geweest. Via Selfoss en een lekker ontbijt in de bakkerij aldaar rijden we op de hoofdweg 1 langs de kust, waar de landschappen zich iedere keer afwisselen, richting de grote gletsjers van IJsland. Onderweg passeert (op grote afstand) Juni_23-1het eiland Heimaey, waarvan in januari 1973 de gehele bevolking snel kon worden geëvacueerd, vanwege de uitbarsting van de Eldfjell, omdat toevallig de hele vloot van 60 vissersschepen was binnengebleven voor een storm die een dag ervoor met windkracht 12 over de oceaan raasde.
De eerste gletsjer die langs de route ligt is de beruchte Eyjaflallajökull, maar er zijn aan de hoofdweg geen sporen te ontdekken van de vulkaan-uitbarsting van april 2010, die toen het vliegverkeer boven Europa lamlegde. Mogelijk is er landinwaarts meer te zien, maar inmiddels dringt het besef, dat de reis bijna ten einde is door en hebben we geen tijd de F-wegen te berijden die naar de interessante plaatsen leiden en we rijden door naar Sólheimajökull, één gletsjers die van de vulkaan Katla afkomt. Juni_23-2
De Katla is heel wat groter dan de vulkaan die onder de Eyjaflallajökull ligt en liggen meerdere gletsjers die vanaf deze vulkaan naar beneden komen.

(De legende over de naam van deze vulkaan gaat als volgt: Katla was de naam van een boosaardige werkneemster, een berucht persoon in de wijde omgeving. Ze was in het bezit van een speciale broek, die de eigenschap had dat iedereen die hem aan had eindeloos kon rennen zonder vermoeid te raken. Op een bepaalde dag in de herfst bemerkte Katla dat de herdersjongen Bardi de broek gestolen had om hem te helpen bij het bijeenzoeken van de loslopende schapen in de heuvels. Als straf verdronk Katla hem in een bak met wei. Toen de winter naderde, en de wei begon op te raken, hoorde Katla een stem die haar meedeelde dat Bardi weldra zou verschijnen. Toen Bardi’s geest inderdaad weer opdook, trok Katla haar speciale broek aan, rende de Myrdalsjökull op en wierp zich in een ijsspleet. Deze 5 kilometer lange kloof staat nog steeds bekend als Kötlugjá (Katla’s kloof). Zij is nooit weer gezien. Kort na haar verdwijning kwam de vulkaan onder de gletsjer tot uitbarsting, veroorzaakte daarbij een vloedstroom die over de laag gelegen gebieden kolkte en meerdere nederzettingen verwoestte en de spoelzandvlakte Mýrdalssandur achterliet.)

Het was vanaf de plek waar kon worden geparkeerd een flinke wandeling naar de Sólheimajökull, trouwens de weg naar de parkeerplaats heeft denk ik al menig carterpan gekost, want het best een pittig stukje weg. Na enkele foto’s zoeken we onze volgende overnachtingsplaats “Vik” op, maar de camping vangt nogal veel wind en alles was er erg versleten. We rijden daarom verder over de Mýrdalssandur, die er op sommige plekken opvallend groen Juni_23-6en paars Juni_23-8uitziet. Nu blijkt dat de overheid daar verantwoordelijk voor is, want in 1987 is er een nieuwe weg aangelegd over deze spoelzandvlakte en deze moest regelmatig worden afgesloten vanwege de “wandelende” zandduinen die continue onstonden, door de niet aflatende wind. Men heeft toen een aantal “robuuste” grassen en planten gezaaid, die het zand onder controle moesten brengen. Met name de “Lupines Nootkatensis” Juni_23-7is een opvallend plantje, dat je over héél IJsland tegenkomt en dat ook typerend is voor het land. De plant schijnt zéér taai te zijn en geen mest nodig te hebben, want op wortels leven bacteriën die stikstof uit de lucht omzetten in verbindingen die de plant nodig heeft.

Een stukje verder komen we bij Kirkjubæjarklaustur, waar volgens de beschrijving, bij de camping een natuurlijk zwemwater zou zijn onder een waterval. Nu die waterval was er en de poel was er ook, maar 1cm koud en vol met resten van wasmiddel of iets dergelijk. We hebben wel onze tenten opgeslagen, want je moet tenslotte ergens slapen en het was gelukkig redelijk uit de wind. Die avond, nacht en daaropvolgende ochtend zien we geen enkele beheerder en hebben we dus zonder te betalen gekampeerd, als we de volgende morgen inpakken en verderrijden.

De gouden cirkel

Het is zondag en we laten de tenten vandaag staan in Stockseyri en gaan een daagje de toerist uithangen in één van de meeste toeristische delen van IJsland. De eerste stop is Thingvallir. Bij deze plaats is heel mooi te zien hoe de Euraziatische en de Noord-Amerikaanse continentale schollen uit elkaar groeien. Dit gebeurt met 2 cm per jaar en ziet er uit als een diepe canyon. Juni_22-1Op deze plek kan je een wandeling door deze, overigens erg groene, kloof maken. Er zijn busladingen met mensen en het heeft een nogal hoog Volendam gehalte, maar dat hebben de overige stops die we vandaag aandoen zelfs nog meer.
De volgende plek is namelijk Geysir, mogelijk wel de bekendste site van IJsland. Geysir is één van de stoombronnen die in een park liggen en Geysir is de grootste en de naamgever. Geysir spuit alleen gemiddeld drie keer per dag en is daarmee niet erg spectaculair, de daarnaast gelegen Stokkir spuit elke 4 à 8 minuten en dat is dus veel interessanter. Dat doet ie welliswaar minder hoog dan Geysir, die tot wel 90 meter hoog spuit, maar met 30 tot 60 meter is het zeker geen kinderachtig fontijntje. Juni_22-5Ik heb even tevoren een tiental foto’s geschoten van een eruptie vanaf de loefzijde en loop daarna naar Dirk die aan de leizijde van Stokkir staat. Enkele minuten later komt er weer een fontijn uit Stokkir en je raadt het al: we krijgen (bijna) de volle laag. We kunnen nog net op tijd wegkomen, niet helemaal droog, maar toch. Duidelijk Jan Kaas op vakantie: mij kan niets gebeuren! En wat krijg je? Een plens water, hahaha! Opvallend genoeg is dat het water dat je over je heen krijgt vrijwel koud is, terwijl de grond waarover loopt gewoon lekker warm (dwars door je bergschoenen) aanvoelt. Het is in elk geval machtig om te zien dat zo iets zomaar uit de grond komt en na dit natuurgeweld zoeken we de volgende site op: Gullfoss (gouden waterval).
Volgens zeggen één van de mooiste watervallen van IJsland en inderdaad het is een indrukwekkend gezicht. Vorige week zagen we Dettifoss en Selfoss, (later ook nog Hundafoss en nog enkele anderen) maar die vallen echt in het niet bij deze waterval. Het geweld van het water is enorm Juni_22-4en er vormen zich in de zonneschijn prachtige regenbogen. Juni_22-3De site heeft inderdaad een hoog toeristisch karakter, maar dat is door de bereikbaarheid ook niet te voorkomen. Evengoed toch een belevenis om hier te zijn en dit te bekijken.
Op de terugweg, het is schitterend weer, doen we even boodschappen in de plaats Selfoss (niet die van de waterval) en halen spare-ribs, zalm en houtskool, we sluiten de dag af met een zéér smakelijke BBQ.
De camping is omgeven door grasvelden met daarin veel mooie vogels en na het eten als de zon langzaam daalt, maak ik nog een paar foto’sJuni_22-6Juni_22-7

Zwavel en damp

Vandaag zijn we door het gebied onder en ten westen van Reykjavik doorgereden. Dit is onderdeel van de zogenaamde gouden cirkel, een gebied met heel veel bezienswaardigheden. Juni_21_Dirk-1In dit gebied zijn de warmwater bronnen bij Gunnuhver (Zij is naar het spook Gudrún Önundardóttir, kortweg Gunna, vernoemd.
In het jaar 1703 bewoonde Gunna een huisje in Kirkjuból dat bezit was van de rechtsgeleerde Vilhjámur Jónsson. Zij had een restschuld aan haar huisbaas en deze nam daarom haar enige bezit, een ketel, weg. Gunna werd krankzinnig en overleed nadat zij wijwater, als remedie had geweigerd. De kistdragers merkten halverwege het kerkhof duidelijk dat de kist met Gunna alsmaar lichter werd en even later terwijl haar graf werd gedolven, was meermaals duidelijk door de wind te horen: “Niet diep graven, wil niet lang liggen …”. De mannen voelden meteen aan dat Gunna een spook was geworden. In de daarop volgende nacht werd de rechtsgeleerde Vilhjámur blauw, dood en met gebroken botten in het veld gevonden. Kennelijk waarde Gunna rond en wrak zij zich, want na dit voorval spookte het verschrikkelijk op het schiereiland. Vilhjámur’s vrouw overleed korte tijd laten, anderen werden krankzinnig en verschillende stierven nadat Gunna zich aan hen openbaarde. Uiteindelijk zochten de bewoners raad bij Pastoor Eirikur van Vogsósar, een exorsist, om Gunna uit te bannen. Hij gaf de radeloze bewoners een knot wol. Gunna moest het losse eind vatten en dan moest de knot naar een plek worden afgerold, waar Gunna geen schade meer zou kunnen aanrichten. Aldus geschiede en het laatste dat met van Gunna zag, was dat zij achter de knot aan, de bron instortte, die sedertdien Gunnuhver heet. Helderzienden zien Gunna soms aan de rand van de bron, de knot volgen en horen haar gekerm op het moment dat de in de bron dreigt.). Juni_21-2Deze worden gebruikt voor warmte, opwekken van energie en verrassend, het maken van zout uit zeewater. Juni_21-4Er is ook een groot welness centre in deze regio, die hebben we maar overgeslagen gezien de drukte (zaterdag,Juni_21-1IJslanders houden van dagjes uit hebben we gemerkt). Morgen gaan we verder richting vulkanen en nog meer natuurschoon en geweld.

Naar het zuiden

We staan om 6 uur naast de tent, omdat we naar Akranes willen via Snæfellsness, omdat de tijd een beetje op begint te raken. Onderweg natuurlijk weer schitterende landschappen, die alweer anders zijn dan overal.Juni_20_Dirk-1Juni_20-3Op het puntje van Snæfellsness liggen de lavavelden achter Hellisandur, waar Jules Verne’s “reis naar het middelpunt van de aarde” zich voor een deel afspeelt. De lavavelden zijn als een deken van zwart basalt en lopen er direct de zee in.Juni_20_Dirk-2(zie ook de foto bovenaan dit artikel)Juni_20-5daarna rijden we verder naar Akranes.Juni_20_Dirk-3Het is vrijdag en de camping in Akranes staat vol feestgangers en dat is een schril contrast met wat je in het noorden van het land meemaakt. We rijden daarom verder naar Thorlákshöfn, dat blijkt niet beter, want we staan pal naast de familie Flodder, die net een verjaardag aan het vieren zijn, maar even na 12 uur is het rustig. De volgende morgen maken we dat we wegkomen.

Látravik, een daagje vogelen

Deze dag zijn we enigszins droog/nat gestart in Patreksfjördur om te beginnen met Látravik (het meest zuidelijke schiereiland van de west-fjorden, een vogelparadijs) te bezoeken. Het eerste object dat je ziet is geen vogel maar een schip! De Gardar B64, Juni_19-1een viskotter uit 1912 (het allereerste IJslandse stalen schip), die tijdens slecht weer in 1981 aan de grond is gelopen en die men daar dus maar heeft laten liggen. Het schip is niet toegankelijk, maar enkele vogels hebben er kennelijk hun nest gebouwd.Juni_19-2
Daarna volgt er pakweg 40 km gravelweg, waarlangs ergens halverwege een gewezen museum staat, met o.a. een oude Dakota van de US navy. De eigenaar is 3 jaar geleden overleden en met hem is ook het museum gesloten. De enige activiteit die er nu nog plaatsvindt, is een expositie over het schiereiland en je kan er koffie drinken. Na deze stop rijden we door tot het einde van Látravik waar bij de vuurtoren een parkeerplaats is. De auto zit onder de bagger, net als alle andere voertuigen die er al staan.
De geur van de vogels die daar op de kliffen nestelen komt je meteen tegemoet, zover je kan kijken, kilometers ver, zitten er volgels Juni_19-3op de 40 tot 120 meter hoge rotswand. Er is door iemand een witte krijtlijn getekend, waar je geacht wordt achter te blijven en zo te zien houden de meesten zich daar ook aan. Je kan de vogels hier redelijk dicht benaderen, Juni_19-4waardoor mooie platen redelijk gemakkelijk zijn te maken, mits je een 300mm lens hebt oid. Juni_19-6 Juni_19-7
Een uurtje later gaan we dezelfde weg weer terug om de baai te gaan ronden. Er is geen pompstation in de buurt en het lampje van de reserve-brandstof brandt al een tijdje als we stoppen om onze jerrycans in de tank te legen. Dat kost meer moeite dan verwacht, maar uiteindelijk weten we toch 40 liter in de tank te gooien en met ruim een halve tank gaan we verder. Uiteindelijk bereiken we Reykhólar. Een plaatsje in een geothermisch gebied en we zien inderdaad uit diverse plaatsen de damp spontaan uit de aarde opstijgen. Na enkele boodschappen in de kleinste supermarkt van IJsland te hebben gedaan, eten we staand onder de achterklep van de auto (het regent) en bespreken het doel voor morgen. Dat wordt Hellisandur op Snæfellsness